Lijfrente

Een lijfrente is een bedrag dat periodiek aan een bepaalde begunstigde wordt uitbetaald. Dit bedrag wordt doorgaans uitbetaald uit een lijfrenteverzekering. Deze lijfrenteverzekering wordt voor de uitkering aangekocht door een eenmalige storting of periodieke premiebetaling.

De uitkering vindt plaats tijdens een vooraf overeengekomen termijn of levenslang, maar eindigt in ieder geval bij overlijden van de verzekerde. De hoogte van de uitkering is vaak steeds gelijk. Het is ook mogelijk de premie(s) te laten beleggen, waarmee de hoogte van de uitkering afhankelijk is van de beleggingsresultaten.

De hoogte van de termijn hangt af van de marktrente op het moment van aankoop, de periode van uitkering, de leeftijd van de verzekerde en begunstigde en de sterftekansen.

Een levenslange lijfrenteverzekering verzekert net als een pensioenverzekering het zgn. “langlevenrisico”. Deze term doelt erop dat het (ook als men graag lang leeft) een financieel risico kan inhouden: indien men inteert op vermogen kan dit opraken; bij een levenslange lijfrenteverzekering draagt de verzekeraar het financiële risico van lang leven.

Wel is het zo dat de uitkeringen vaak niet geïndexeerd zijn, dus inflatie blijft voor de verzekerde/begunstigde een risico.

Vrijval spaarloon 2010, wat te doen?

Op 9 juli 2010 heeft Minister van Financiën Jan Kees de Jager besloten het spaarloon vrij te geven per 15 september 2010. Het gaat om alle spaarloontegoeden die in de periode van 2006 tot en met 2009 zijn gespaard.

De bedragen die in 2010 zijn gespaard blijven geblokkeerd; deze kunnen alleen worden opgenomen voor de wettelijk erkende bestedingsdoelen (zoals bijvoorbeeld een lijfrente of de aankoop van een eigen woning). In totaal kan er zo’n €4,3 miljard vrijkomen, per persoon maximaal €2452 (4 jaar x €613) plus eventuele rente.

Opname van het vrijgegeven spaarloon is niet verplicht en in sommige gevallen nog ongunstig ook. Op dit moment is het saldo op de spaarloonrekening vrijgesteld van vermogensrendementsheffing. Als u uw spaarloon op een reguliere spaarrekening zet, is het dus mogelijk dat u hierover belasting gaat betalen. Daarnaast is de rente op de spaarloonrekening soms hoger dan de rente op de vrij opvraagbare spaarrekeningen.

Wat te doen met het vrijgekomen spaarloon?

De minister wil graag de economie stimuleren en hoopt dat de consument een deel van het geld gaat besteden. Er zijn een aantal mogelijkheden, hieronder de alternatieven op een rijtje:

  • Opnemen en schulden mee afbetalen: de rente van een schuld is vaak hoger dan een spaarloonrekening
  • Wel opnemen en op een spaarrekening zetten: mogelijke een hogere rente echter wel vermogensrendementsheffing van 1,2% (box-3)
  • Niet opnemen, laten staan : voordeel van geen vermogensrendementsheffing van 1,2% (box-3)
  • Opnemen en uitgeven : Goed voor de economie

Poll vrijval spaarloon

Er is een online poll gedaan onder de bezoekers van wijzersparen, hieronder de uitkomsten:

  • Opnemen en schulden mee afbetalen: 41%
  • Wel opnemen en op een spaarrekening zetten: 24.6%
  • Niet opnemen, laten staan: 18%
  • Opnemen en uitgeven :16,4%

Spaaralternatieven voor de  spaarloon vrijval

Er zijn twee alternatieven het overwegen waard voor de keuze “wel opnemen en op een andere spaarrekening zetten“. Allereerst een spaarrekening zonder voorwaarden, interessant is momenteel Bank of Scotland met 2.4% spaarrente en een welkomscadeau van €30 voor nieuwe klanten. De actie loopt nog tot eind september 2010. Helaas valt LeaseplanBank met momenteel een aantrekkelijke rente van 2.77%  af voor nieuwe klanten door de (tijdelijke) klantenstop.

Andere optie is bijvoorbeeld de Moneyou Kwartaalspaarrekening met 2.5% , maar dan moet je wel minimaal het geld één kwartaal laten staan voor deze rente.

Kijk voor een handig overzicht eens op de spaarwijzer.